De
basisschool telt acht leerjaren. Deze zijn verdeeld over drie
"bouwen":
Groep 1 t/m 4
krijgt 24 uur onderwijs per week; groep 5 t/m 8 krijgt 26 uur. Per dag wordt er
max. 5,5 uur lesgegeven. Per jaar voldoen we op deze wijze aan de wettelijke
verplichting van 880 lesuren voor groep 1 t/m 4 en 1000 lesuren voor groep 4
t/m 8.
Elke bouw heeft een bouwcoördinator. Het managementteam wordt gevormd door de
directeur en de adjunct-directeur. Zij overleggen regelmatig met de
bouwcoördinatoren over de gang van zaken.
Ieder kind is
ingedeeld in een jaargroep (1 t/m 8) met (een) vaste groepsleerkracht(en) voor
dat leerjaar. Deze groep vormt de "thuisbasis". Het aantal
leerkrachten op een school hangt af van het aantal leerlingen. De leerkrachten
op de Lucas van Leydenschool zijn niet altijd in dezelfde "bouw"
werkzaam; ze wisselen regelmatig.
Combinatiegroepen
(twee jaargroepen bij elkaar) vormen we bij voorkeur niet met groep 3 of 8. Als
er een combinatiegroep gevormd wordt, proberen we het aantal leerlingen zo laag
mogelijk te houden.
Jongste en
oudste kleuters zitten bij elkaar in één groep (groep 1/2). We hebben hiervoor
gekozen, omdat de kleuters door voorbeeldgedrag veel van elkaar leren. Zo
stimuleren ze elkaar in de zelfredzaamheid of leren verantwoordelijkheid dragen
voor een kind dat nog ergens mee geholpen moet worden. Daarnaast kan de
instroom van kleuters gedurende het jaar evenwichtig over de groepen verdeeld
worden. Aan het begin van het schooljaar starten de kleutergroepen met ongeveer
20 leerlingen. In de loop van het jaar komen daar nieuwe vierjarigen bij. Aan
het eind van het jaar zitten er ongeveer 28 leerlingen in elke kleutergroep.
De door de overheid toegewezen gelden voor groepsverkleining worden hier voor
ingezet.
Ook in groep 3 is de gemiddelde groepsgrootte max. 25.
Vanaf groep 3 wordt in leerstofjaargroepen gewerkt. Dit betekent dat kinderen
van ongeveer dezelfde leeftijd bij elkaar in de groep zitten. De
groepsinstructie zien we als een gezamenlijk startpunt. Hierna gaan de kinderen
zelf aan het werk. De leerkracht heeft goed overzicht op de te verwerken
leerstof. Hierdoor kan de leerkracht ook zicht houden op het werk van
leerlingen die meer instructie nodig hebben voor een bepaald onderdeel of vak.
De extra aandacht is er niet alleen voor kinderen die moeite hebben met de
leerstof, maar ook voor kinderen die behoefte hebben aan meer uitdaging.
De kinderen gaan regelmatig in kleinere groepen aan het werk aan een
gezamenlijke opdracht. De groepen zijn wisselend van samenstelling. Hiervoor
zijn in het gebouw buiten de lokalen werkplekken gemaakt.
Vanaf groep 3
t/m groep 7 doen de kinderen mee aan het niveaulezen. De leerlingen worden
ingedeeld op eigen niveau. In een groepje van vier lezen ze zelfstandig, of
onder leiding van een ouder of een leerling van groep 8.
Voor de creatieve vakken wordt soms samengewerkt met een of twee andere
jaargroepen. De kinderen worden opgedeeld in groepjes van tien, die uit
leerlingen van diverse jaargroepen bestaan. Deze worden begeleid door ouders en
leerkrachten.
Feesten,
projectafsluitingen, schoolkampen en andere bijzondere activiteiten worden per
gebouw of met de gehele school georganiseerd.
Naast de
jaargroepen zijn er remedial teachinggroepen. Dit zijn kleine groepen die,
meestal buiten het groepslokaal, werken aan een specifiek onderdeel van de
leerstof.
Kinderen die om de één of andere reden speciale aandacht of extra hulp nodig
hebben, worden door de groepsleerkracht besproken in de leerlingbespreking.
Daar kan afgesproken worden dat een kind een tijd lang geholpen wordt door de
remedial teacher. Er is een remedial teacher voor de midden- en bovenbouw, en
één speciaal voor de jongere kinderen. De extra middelen van het ministerie
voor groepsverkleining, worden o.a. hiervoor ingezet.
De motorische remedial teacher helpt kinderen met bewegingsproblemen.
De
kleutergroepen werken gedurende het gehele schooljaar met thema's. Afhankelijk
van de inhoud duurt een thema één of meerdere weken. Veel activiteiten zijn op
het thema afgestemd, zodat aan het werk van de kinderen te zien is aan welk
thema er gewerkt wordt. Naast de leeractiviteiten is er in de onderbouw veel
aandacht voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kleuters. In de kring,
bij het spel, maar ook tijdens het "werken" is er aandacht voor
zelfredzaamheid en omgaan met elkaar.
De kring neemt een belangrijke plaats in. In de loop van de dag komen de
kinderen steeds weer in de kring bijeen: aan het begin van de dag, bij een
verhaal, bij het melkdrinken, bij de afsluiting van de dag. De programma's van
de kleutergroepen zijn op elkaar afgestemd. Er is veel overleg tussen de
leerkrachten.
Er is een
a.d.v.-regeling (arbeidsduurverkorting) voor de leerkrachten. De
a.d.v.-vervanging wordt zoveel mogelijk door dezelfde invalleerkracht gedaan.
Indien een leerkracht één of meerdere dagen afwezig is zorgt de directie voor
een vervanger. De groepsleerkracht of een collega zorgt voor de voorbereiding van
de lessen. Hierdoor kan het lesprogramma gewoon doorgaan. Tegenwoordig wordt
het echter steeds moeilijker om een invaller te vinden. Daarom heeft de school
een opvangrooster. De leerlingen worden verdeeld over de groepen, of twee
groepen werken samen. In noodgevallen worden de kinderen naar huis gestuurd. In
dat geval wordt er eerst contact met thuis opgenomen. Gelukkig is dat tot nu
toe weinig voorgekomen. Leerlingen worden dus nooit zo maar naar huis gestuurd.
Een paar maal
per jaar is er een studiedag voor de leerkrachten. De kinderen komen dan niet
op school. De data van de studiedagen staan vermeld in het jaaroverzicht en het
maandbulletin.
In beide
gebouwen is een verschuifbare wand waarmee de hal en de speelzaal samengevoegd
worden tot een aula. Het podium wordt gebruikt voor allerlei optredens en
informatieve bijeenkomsten voor ouders. In de beide gebouwen is een
documentatiecentrum waar de kinderen informatie kunnen opzoeken voor
spreekbeurten en werkstukken. Handenarbeid wordt gedaan in het groepslokaal, in
de gangen of in een speciale handarbeidruimte.